Belgisch btw-voorstel zorgt voor onrust in muzieksector: pop en rock zwaarder belast dan klassiek
Oneerlijke fiscale keuzes in cultuurbeleid
In het ontwerp van het Koninklijk Besluit dat deze wijziging regelt, blijft het btw-tarief voor podiumkunsten zoals theater, opera en klassieke muziek op het lagere tarief, terwijl pop- en rockconcerten en -festivals onder het verhoogde tarief zouden vallen. Daardoor kunnen tickets voor grote pop- en rockevents flink duurder worden; een festival als Pukkelpop kan bijvoorbeeld zo’n €20 per ticket extra kosten door de maatregel.
Organisaties en muziekprofessionals hebben fel gereageerd. De Belgische Festivalfederatie spreekt van een discriminerende maatregel, omdat de keuze om pop en rock zwaarder te belasten moeilijk te verantwoorden is binnen een cultuurbeleid dat juist diversiteit zou moeten bevorderen. Ook zaalprogrammeerders uitten kritiek en noemden het voorstel ‘fundamenteel oneerlijk’ voor het brede publieksbereik en de rol van pop-muziek in talentontwikkeling.
Sector grijpt moment aan voor protest
De kritiek kwam vooral omhoog tijdens de Week van de Belgische muziek, een campagneweek waarin Belgische artiesten extra zichtbaarheid krijgen via media en optredens. De btw-aanpassing werd daar als één van de belangrijkste knelpunten voor de live-muzieksector gepresenteerd, en verschillende spelers uit de concert- en festivalscene hopen dat het voorstel kan worden bijgestuurd voordat het definitief wordt goedgekeurd. Formeel moet het advies van de Raad van State nog worden afgewacht.
Vooralsnog is het besluit nog niet definitief, maar de onzekerheid over de fiscale behandeling van verschillende muziekgenres heeft al voor brede maatschappelijke discussie gezorgd over de rol van beleid in cultuur en entertainment.