concert
17 september 2026

Fonds Podiumkunsten waarschuwt voor financiële positie podia en festivals

Rubrieken

Fonds Podiumkunsten vraagt aandacht voor de financiële positie van Nederlandse podia en festivals richting de nieuwe beleidsperiode vanaf 2029. Volgens het Fonds stijgen de kosten al meerdere jaren harder dan de inkomsten, waardoor de ruimte voor programmering, talentontwikkeling en financiële risico’s onder druk komt te staan.

Het Fonds Podiumkunsten werkt momenteel aan de voorbereiding van de beleidsperiode na 2028. Daarbij wordt onder meer gekeken naar nieuwe subsidieregelingen en de toekomstige beleidsopdracht van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW). Ook een mogelijke wijziging van de duur van subsidieperiodes speelt hierbij een rol.

Minder ruimte voor risico in programmering

Volgens het Fonds hebben podia en festivals een belangrijke functie tussen artiesten en publiek. Tegelijkertijd is hun financiële positie kwetsbaar. Wanneer kosten sneller stijgen dan inkomsten, blijft volgens de organisatie minder ruimte over om te investeren in minder bekend of financieel risicovoller aanbod en opkomend talent.

Programmering kan bovendien niet altijd volledig worden terugverdiend via kaartverkoop en horeca. Dat geldt bijvoorbeeld voor producties met hoge uitvoeringskosten, maar ook voor artiesten en makers die nog geen groot publiek hebben opgebouwd. Subsidies moeten er mede voor zorgen dat dit aanbod toegankelijk blijft en makers, uitvoerenden en technici eerlijk kunnen worden betaald.

Het Fonds ondersteunt momenteel 55 festivals via de meerjarige festivalsubsidie en 135 podia via de podiumregeling. Daarnaast ontvangen 239 presenterende initiatieven een programma- en presentatiebijdrage. De bijdragen voor programmering bedragen volgens het Fonds tot ongeveer 50.000 euro per jaar.

spreiding

Miljoenen bezoekers voor podia

Het publieksbereik van de sector is aanzienlijk. In 2025 trokken Nederlandse poppodia gezamenlijk 6,4 miljoen bezoekers, blijkt uit cijfers van de Vereniging Nederlandse Poppodia en -Festivals (VNPF). Schouwburgen en concertzalen ontvingen in hetzelfde jaar 16 miljoen bezoekers, volgens cijfers van de Vereniging van Schouwburg- en Concertgebouwdirecties (VSCD).

Voor de periode 2025-2028 zijn eenmalig extra middelen beschikbaar voor programmeringssubsidies. Het Fonds benadrukt dat deze middelen niet structureel zijn en stelt dat vanaf 2029 een aanvullende investering nodig is om de ondersteuning minimaal op het huidige niveau voort te zetten.

De komende periode voert Fonds Podiumkunsten hierover gesprekken met de cultuursector en verschillende overheden. De uitkomsten worden meegenomen in de koers en subsidieregelingen voor 2029 en daarna.